BY PLACING ALL OF THE CARS IN THE WORLD NEXT TO EACH OTHER, YOU COULD FILL BELGIUM 256 TIMES

Elias Cafmeyer

20.01.2019 – 02.03.2019

EN

Through works in different mediums, Cafmeyer in this solo exhibition puts forward a sense of permanence and timelessness of our infrastructure.

 

On world maps, the large-scale marks of humankind - urbanisation, and the network of roads - are accentuated. Their lines are highlighted as constellations, or cave paintings, giving them a mythological character.

On a globe in the center of the room a pattern is visible. We are looking at the most important infrastructure of the world as if from outer space, and the artificial lines suggest intelligent life.

 

In the adjacent space, we zoom in on these structures.

A video shows urban images as used during news broadcasts: images that outside of their incidental context start playing an alienating lead role.

The animated traffic cones through their pointless gesturing also emphasize a now purely aesthetical and totemic form.

 

In the last space, we see scale models of an overpass and several cars. Against the immobile and permanent character of the concrete car wrecks, the gypsum overpass looks ghostly pristine. All seem fossilized.

 

NL

Aan de hand van werken in verschillende mediums brengt Cafmeyer in zijn solotentoonstelling een idee van permanentie en tijdloosheid van onze infrastructuur naar voren.

 

Op wereldkaarten zijn grootschalige sporen van de mens - de urbanisatie, het wegennet - geaccentueerd. Hun lijnen zijn uitgelicht als sterrenbeelden, of grottekeningen, waardoor ze een mythologisch karakter krijgen.

Op een globe in het midden van de ruimte is een patroon zichtbaar. We bekijken de belangrijkste infrastructuur van de wereld als vanuit de ruimte, de kunstmatige lijnen duiden op intelligent leven.

 

In de aangrenzende ruimte bekijken we deze structuren van veel dichterbij.

Een video toont het type stadsbeelden dat tijdens het journaal wordt vertoond: beelden die hier los van hun incidentele context een bevreemdende hoofdrol beginnen te spelen.

De geanimeerde verkeerspionnen benadrukken met hun hier zinloze gebaren eveneens een nu zuiver esthetische, totemistische vorm.

 

In de achterste ruimte zien we schaalmodellen van een viaduct en verscheidene auto's. Tegen het immobiele en permanente karakter van de betonnen autowrakken steekt het lichte gips spookachtig af. Allen lijken gefossiliseerd.